Gisteren waren de winkels dicht en vandaag heeft Camping Bambi geen broodservice. Dat is dus een karig begin van de dag. Gelukkig is er binnen 4 kilometer een supermarkt. We ontbijten op een bankje in het groen. Het gaat allemaal wat traag en zo blijft het. Het weer is grijs, er hangt regen in de lucht en overal ligt blad. Het zal de droogte zijn, maar het geeft het gevoel of de herfst is begonnen. De route glooit met het landschap, we ploeteren omhoog, we suizen omlaag. En ergens passeren we het hoogste punt van deze vakantie. Het zal zo rond de 330 meter zijn, dus geen echt hoogtepunt. 
We lunchen in Detmold. Ondanks onze traagheid hebben we geen twijfel hoe we verder gaan, want er is maar één camping op redelijke afstand. Het volgende stuk loopt door het bos. Dat is goed voor de moraal. We verbazen ons over de grote hoeveelheid kale larixen. Geen idee of ze droog zijn of dood. 
We rijden door het Teutenborgerwoud. Hier heeft in 9 nC Hermann de Cherusker de Romeinen in de pan gehakt. Dit is in elk geval wat ze dachten toen ze het bos deze naam gaven. Inmiddels is de theorie dat deze overwinning 50 kilometer noordelijker ligt.
Op maandag, Ruhetag, is alles dicht in het nabije dorp. Dus Carry zet de tent op en ik ga op zoek naar een Aldi. Google knows, maar stuurt me naar het Aldi-distributiecentrum. Voor de echte winkel moet ik door. Zo kom ik vandaag toch ruim aan mijn kilometers.
We fietsen door. In de verte ligt een kasteel op een helling. De hellingen werken als een magneet op alle racefietsers uit de omgeving. We worden links en rechts voorbij geblazen. De weg die wij willen volgen is afgesloten. Ook dit is niet de weg naar Hamelen. En ondertussen zit het deuntje in ons hoofd.
We trappen een flinke helling omhoog. Bovenaan staat een bord. Hier zijn waarschijnlijk de kinderen van Hamelen in 1284 in een grot verdwenen. Er wordt verwezen naar een historische tekening, want er schijnen feiten aan de basis van dit sprookje te liggen.
Dan rijden we Hamelen binnen, we weten de weg! Dit was een van de mooiste trajecten van deze vakantie. Hamelen is een mooie stad, veel vakwerkhuizen en een oud centrum. Te pas en te onpas staan er afbeeldingen van ratten, tot in de straatstenen toe. Wij vinden, zonder de rattenvanger, ook de weg uit de stad.











We trappen mooi op tijd af. In de zon is het al warm. De eerste stop is een klein pontje over de Havel. We staan er met zijn vieren op. De dame naast ons begint te kletsen over haar zoon die in Nederland werkt en het daar veel relaxter vindt dan werken hier. 



Langs de Reichstag en de Brandenburger Tor rijden we in een rechte streep de stad uit. 10 kilometer langs de Bismarckstrasse met veel stoplichten en een fietsstrook. Aan het eind buigen we af. Aan onze rechterhand ligt een meer. Hier begint de weg wat te glooien. Dit is de plek waar Berlijnse wielrenners hun hellingen rijden. We sluiten ons bij hen aan. Ik heb gisteren wat overbodige bagage bij DHL afgegeven, dat maakt het fietsen soepeler.
Het is een mooi traject naar Potzdam. Het is wel duidelijk waarom de diverse keizers hier hun zomeroptrekje hadden. Wij stoppen voor koffie en een appeltaartje. Zó’n lekker taartje dat ik niet de enige ben die dat laatste hapje wil. Ik mis de wesp die mee eet, hij mist mij niet en steekt in mijn tong. Wat een feest. De rest van de dag fiets ik met mijn tong op mijn schoenen.





De kanoër kijkt ons verschrikt aan, gaan jullie 80 kilometer fietsen met déze hitte? Ja, dat gaan we doen en we vertrekken op tijd. Vandaag laten we de Hanzeroute links liggen, we stappen over op de Usedom-Berlin route. Deze is echt anders dan de Hanzeroute. Waar de samensteller van de Hanzeroute niet veel op lijkt te hebben met fietspaden en er grote stukken onverhard in gooit, fietsen we vandaag vooral over goede fietspaden. Her en der staan bordjes dat het pad is aangelegd met Europese subsidie. Het lijkt me een goede besteding, kom maar door met de poen.
Het eerste stuk fietsen we langs de Unterückersee. De eerste mensen installeren zich met hun handdoekje. We rijden door, het is nog niet heel warm. Dan rijden we het bos in, schaduw en een paar graden koeler. Het trapt heerlijk. Er staat een bord dat een omleiding aan geeft. Het is even zoeken wat bedoeld wordt, dan rijden we verder. Regelmatig komen ons fietsers tegemoet, de meesten met bepakking. Blijkbaar zijn er genoeg om een kerk voor te openen. Of zou het speciaal voor onze Santos zijn?
Bij alle meren waar we langs komen vandaag is het druk. We vragen ons af of we een camping kunnen vinden. Bij twee campings hebben we al bot gevangen. De kanoër van vanochtend adviseerde ons te kijken bij Wasserwanderrastpflatzen. We vinden er een op 20 kilometer. We bellen. We hoeven ons geen zorgen te maken, zeggen ze, plaats genoeg. Dat is mooi, dan gaan we eerst op ons gemak lunchen.
We hebben ons juist geinstalleerd voor onze siesta, languit in het park, als een dame naar ons toe komt. Ze vraagt ons of we wat kunnen opschuiven, want zij hadden deze plek gedacht voor een familiefeestje. We verplaatsen ons en bekijken hoe de auto uitgeladen wordt. Er komt een ladder om de slingers op te hangen en er zijn dozen vol feestspullen. Het blijkt een Einschulungsparty te worden, een feestje dat hun kind maandag naar de basisschool gaat.



