28 februari Sipalay – Kabankalan
Ons plan was het eerste stuk met de boot te gaan en zo wat klimmetjes te omzeilen. Maar het waait te hard, dus de boot gaat niet. We proberen op tijd te ontbijten en te vertrekken, maar in zo’n groot hotel is dat ingewikkeld.

Het is weer zo mooi fietsen. Er zitten wat gemene klimmetjes in, maar vanaf de top is er altijd ergens, diep donkerblauw, de zee. Zoveel stukken zijn gewoon bos, nog niet in gebruik. En altijd rijst en palmen.

En we zien steeds meer suikerriet. Langzaamaan wordt het landschap overgenomen. We passeren weegstations waar kolossale vrachtwagens worden volgeladen met suikerriet. Niet voor niets hebben ze het over Negros Occidental als de suikerpot van de Filipijnen.

We volgen de hele dag de N712 langs de kust. Halverwege, na zo’n 45 kilometer, buigt de weg met de kust mee naar rechts. Precies hier zit Wouda refreshments, met een terras met fantastisch uitzicht. De zaak is neergezet door een Nederlander (74). Zijn vrouw doet het bedrijf, ‘ze is een prinsesje in de keuken’. Wat is dat toch met die bejaarde mannen, dat ze hierheen komen om te (her)trouwen?

Van hieraf is de route vlak. En wordt eigenlijk ook steeds minder spannend, steeds meer suikerriet en wat rommeliger. We stoppen voor wat boodschappen bij een supermarkt die al 45 kilometer lang is aangekondigd. De hoeveelheid vakkenvullers is verbazingwekkend, en allemaal groeten ze. Je zou amper aan je boodschappen toekomen.

Na nog een stop voor een kokosnoot gaat de blik op oneindig voor de laatste kilometers.