19 juli, Mehlen – Scherfede
Het is fris als we opstaan. Zó fris dat we allebei een extra hemd aan doen en zelfs een vestje. Het is relatief veel klimmen vandaag, maar die inspanning weegt niet op tegen de gure wind.

We rijden op een oud spoortraject. Volgens de borden is er een omleiding. De mensen die ons zojuist inhaalden rijden door, dus wij ook. Dan is het pad afgezet met hekken. Die mensen staan al aan de andere kant. Ze komen terug om ons te helpen. We praten wat en ze vragen of we in Duitsland gewoond hebben. Carry legt ons Duits tv-verleden uit en scoort met Die Sendung mit der Maus.

We rijden een mooi stuk door het bos. We denken dat het de Ostwaldecker Randsenken zijn, maar wie een betere suggestie heeft is welkom. Het is stevige gravel, maar beschut voor de wind rijdt het soepel. En we worden verrast door een ree.

Voor we kunnen lunchen in Bad Arolsen moeten we eerst nog omhoog. Het plaatje van de helling is zo steil dat ik het niet geloof, maar het klopt wel. Dus hup daar gaan we, 14% omhoog.

Bad Arolsen wordt getipt als mooi barok stadje. Inderdaad is het paleis mooi, maar verder maakt het weinig indruk. Dat kan ook komen doordat we honger hebben en alle horeca met vakantie is. Pas in een buitenwijk vinden we wat te eten.

Wanneer we verder rijden hebben we de wind onverminderd op kop. De graanakkers glooien, er is geen meter vlak. Het fietsen gaat niet vanzelf. De straat die we rijden heet ‘zur Helle’. Ik vraag me af waarom.

We hebben vooruit gedacht en gebeld met het hotel. Helaas betekent dat niet dat er iemand is om de deur open te doen. Juist als we na een half uur wachten opstappen komt er iemand met de sleutel. Mooi. Nu rest de vraag of we vanavond ergens kunnen eten.


























































