20 mei, Side – Antalya
Het is vanochtend niet de moskee die ons wekt, maar een fikse onweersbui. Tegen de tijd dat we op de fiets zitten is het droog. Langs hotels en outlets rijden we de stad uit. Tien kilometer met betonnen kolossen, die hun best doen zich van elkaar te onderscheiden met gouden kronen, grote beelden en pompeuze details. Allemaal hebben ze een Turkse vlag, maat voetbalveld, aan de gevel hangen. Je zou haast denken dat dat verplicht is.

Het contrast met het achterland kan haast niet groter zijn. Hier rijden we langs olijfbomen, het graan is geoogst en er loopt een herder met zijn schapen. Wat een verademing na al die grote wegen van de afgelopen dagen.

We passeren grote plastic kassen met bananen. We zien sinaasappel- en citroenbomen. De oranje bloesems zijn van de granaatappelbomen. Er groeien cactussen langs de weg.

En hangen er dreigende buien tegen de bergen en horen we het onweer. Juist als we de onvermijdelijke snelweg opdraaien, begint het te regenen. Dit fietsen is geen feest met de herrie, de drek en de nattigheid. We gaan lunchen en zitten de bui uit.

Het vervolg van de route zou prima zijn, op de rand tussen duin en landbouw, maar er wordt aan de weg gewerkt. Nu is het een smalle weg waar het verkeer zich door wringt. Als er zich een file vormt, rijden wij op kop. Het verkeer reageert geduldig.

We naderen Antalya en de hotels, palaces en resorts wisselen elkaar af. Bij Cor en Don is zelfs een verblijf in het Kremlin palace te boeken. De palmbomen zijn klein naast de glijbanen bij de hotels. We stoppen om wat te drinken.

In gesprek met de ober komen we tot de conclusie dat dit geen Turkije is, maar een soort geïmporteerd Europa.

Net als ik me na 75 kilometer fietsen begin af te vragen of we vandaag de zee nog zien, draaien we een fietspad op. Nu rijden we kilometerslang langs de boulevard. Hier zijn de flats geen hotels maar woningen. Dit is weer Turkije. Eindpunt van vandaag is de oude stad van Antalya.
