24 mei, Demre – Kas
We zijn druk bezig met de route, waar nemen we de boot naar Rhodos en hoe gaan we vandaar verder? Conclusie is dat het allemaal niet uit maakt, want de boot naar Kreta gaat pas op donderdagavond. Dat geeft ons genoeg tijd voor de komende 150 kilometer naar Fethiye met de bijbekomende hoogtemeters.

Als we uiteindelijk weg rijden maken we een lusje langs de ruïnes van Myra. Dit is inderdaad het dorp van Sint Nicolaas, maar de ruïnes zijn al van ver voor die tijd. De in de berg uitgehakte grafkamers zijn van de Lyciërs, het naastliggende theater is Romeins. We parkeren onze fiets bij het hek en doen een rondje.

Als we de stad uit rijden is het nog even de vraag of we over de D400 gaan of over een binnenweg. Ondanks de verwachte steilere klimmen kiezen we voor de binnenweg.

Het is een weg om blij van te worden. Over de beboste heuvels is de zee te zien. De uitzichten zijn fantastisch en er is weinig verkeer.

We stoppen voor lunch. Een recensie op Google omschrijft deze plek als ‘het gevoel van een weekendje thuis bij je ouders’. En zo voelt het. Het eten laat wel even op zich wachten, want de kokkin moet nog met de brommer gehaald worden. Als we weg rijden krijgen we sinaasappels uit de tuin mee.

Van hier af begint het echte stijgen. Het is een kwestie van doorbijten, niet te veel nadenken en om je heen kijken naar de heuvels en de bloemen in de berm.

Langzaam trekt het dicht. Als we de snelweg oprijden voor het laatste deel begint het te regenen. Na ruim duizend hoogtemeters is het beste er wel af. Ik word ingehaald door een Russische bikepacker. Bij de kruising wacht hij op me en maken we een praatje. Hij kijkt wat meewarig naar het gewicht van onze fietsen, zijn fiets is veel lichter. In de afdaling rijdt hij me met een bloedgang voorbij.

We rijden nog in de wolken van de regen. In de verte zien we eilanden in de zon. De zee glanst eromheen. Het contrast is amper te vangen in een foto. Ik realiseer het me nog niet, maar dat is Griekenland.

Een stukje verderop ligt de Rus in de berm, na een schuiver over het asfalt. Gelukkig lijkt de schade mee te vallen. Iedereen is beduusd. Er is granaatappelsap voor we weer verder rijden.

Het laatste stukje in Kas gaat steil naar beneden. Alle met moeite bedwongen hoogtemeters gaan verloren als we met knijpende remmen naar ons hotel op zeeniveau rijden.

En wat onze plannen betreft, Carry heeft sinds vanmiddag een serieus probleem met zijn fiets. Na jarenlang remmen zit er een scheurtje in zijn velg. Dat moet eerst gefixt worden.