Wolken

6 juli, Bischofshofen – Ainring

Het regent als we wakker worden en het is flink afgekoeld. We hebben de lange broeken weer tevoorschijn gehaald. Als we beneden komen zit de hele ontbijtzaal vol fietsers. Per ongeluk zitten we aan het eind van de eerste etappe vanuit Salzburg. In de parkeergarage zoekt iedereen zijn fiets. Er hangt een schoolreisjessfeer. 

Buiten hangen de wolken laag. Het lijkt alsof het in een dag herfst geworden is. Het geeft ineens een heel ander beeld van het landschap. 

Burg Hohenwerfen ligt mooi tussen de wolken. Voor de cinefielen onder ons, hier is ‘Where eagles dare’ opgenomen en voor de fietsers, de helling ernaar toe is 9%.

Terwijl ik mijn vest weer eens verwissel voor mijn regenjas bedenk ik me wat ik van de Alpe-Adria route vind. De landschappen zijn prachtig, de route is grotendeels over rustige paden en we kunnen lekker doorfietsen. Maar tegelijkertijd is het wel erg toeristisch en druk en een beetje te aangeharkt. 

De regenjas kan weer uit als we verder rijden langs de Salzach. Langzaamaan wordt het warmer. We rijden Salzburg binnen. Het is hartstikke druk, gedachtenloos rijden we verder en zijn we zo maar de stad uit.

Net buiten Salzburg kruisen we de Saalach en zijn we in Duitsland. Dat lijkt dichtbij huis, maar we hebben nog zo’n 1200 kilometer te gaan. 

Alpen

5 juli Obervellach – Bisschofshofen

Met alle verhalen zijn we flink bang gemaakt voor de klim van vanochtend. Gelukkig is het bewolkt en niet zo warm. De eerste tegemoet komende fietser roept ‘respect’, dus moet het echt wel erg worden. Uiteindelijk is het vooral een kwestie van doorzetten en geduldig doortrappen.

Het laatste stuk is donkerrood bij Garmin, dat zijn de stevige hellingen. Het blijken gewoon een paar haarspeldbochten. Die gaan zeker lukken. En dan is de klim klaar, zo moeilijk was het niet. Al waren het ruim 500 hoogtemeters binnen zeven kilometer.

In Mallnitz houdt de weg op. Hier gaan we met een trein door de Alpen. Het grootste probleem is om de fietskaartjes te kopen bij de automaat. Dat wil niet lukken. Rondvragen op het terras maakt duidelijk dat de paar andere fietsers het ook zonder doen. We zien wel.

Voor onze fietsen is er een speciale ‘veewagon’. Het is niet druk, maar we mogen hier niet blijven. We moeten helemaal voorin naar de personenwagons. In 11 minuten zijn we door de tunnel. 

Aan de andere kant is het echt bewolkt. Het is jammer, want met zon is het landschap waarschijnlijk nog veel mooier. We doen zelfs een vestje aan voor de afdaling.

In Bad Gastein stoppen we even bij de waterval. Het plaatsje is zo’n echt Kurort met grote hotels. De fietsers die ons tegemoet komen hebben het moeilijk, dit is het traject dat zij moeten klimmen.

De route is bijna vlak, het fietst gemakkelijk. Dan rijden we op een fietspad langs de provinciale weg en moeten we een tunnel van 1680 meter door. Dit keer is de tunnel geen probleem, er ligt een breed fietspad met een hek er langs. Zo’n luxe hebben we niet eerder gehad. 

Van hieraf rijden we hoog langs het dal met fantastische uitzichten. Diep onder ons stroomt de Salzach. Blijkbaar zijn er dit weekend veel fietsers in Salzburg aan de Alpe-Adria begonnen want er blijven ons mensen tegemoet komen. Hier wordt wel gegroet. Het pad is vrij gelijkmatig maar heeft nog wat venijnige klimmetjes.

Het laatste stuk schiet lekker op in het dal langs de rivier. Dat is mooi, want de donkere luchten voorspellen weinig goeds. Als we aankomen bij het hotel begint het te regenen. 

Trein

4 juli, Olsach – Obervellach

Gisteravond hebben we uitgezocht wat we vandaag gaan fietsen. Het ging met name hoeveel we willen klimmen, want we kunnen de Tauernpas alleen per trein over. Conclusie was dat we al in Spittal de trein nemen, dat scheelt een stevige klim voor mijn beurse billen.

Spittal ligt op 11 kilometer, dus vanochtend doen we op het gemak. Dat komt ook mooi uit, want de tent staat in de schaduw en is kletsnat. 

Maar dan is het toch mis. De trein rijdt wel, maar alle fietsplekken, 8 per trein, zijn tot ver in de middag gereserveerd. Er rest ons niets anders dan een nieuw plan te maken. We strijken neer op het terras van de stationsrestauratie. Sinds januari is een Tukker de eigenaar. Hij zegt ook weer hoe mooi de route is en hoe steil het laatste stuk, zelfs met de auto.

En inderdaad de route is fantastisch. Het is heerlijk om door het dal te fietsen met aan twee kanten hoge bergen. Blauwe luchten, groen beboste bergen, gele akkers, witte kerkjes, kleine riviertjes, Oostenrijk op zijn mooist. 

Het restaurant waar we lunchen heeft een gutbürgerliche Küche met vooral schnitsels. De sfeer in de eetzaal ligt tussen die van een sanatorium en een crematorium. Maar er moet gegeten worden, want met een lege maag kun je niet klimmen. En onderwijl zie ik hoog boven ons een goederentrein langs rijden, als een plaatje uit een speelgoedfolder. 

We beginnen de klim, eerst richting  Obervellach. Inmiddels hebben we de wind flink op kop. Het is mooi en het is ploeteren. Dan komt Carry met het idee om de laatste 500 meter omhoog morgenochtend te doen, als het koeler is. Een prima plan. Er is nog plaats in een oud familiehotel. Als we binnen komen zitten er zes mannen en vrouwen in een blauwgebloemde outfit. We horen hen zingen en het voelt als een familiereünie van Sound of Music. 

Drau

3 juli, Malborghetto Valbruna – Olsach

Gisteren beviel wel, dus eigenlijk ga ik ervanuit dat vandaag gewoon hetzelfde zal zijn. De eerste kilometers is dat ook zo, want het treintraject loopt tot Treviso. Vanaf hier rijden we over kleine wegen door het bos. En we rijden naar beneden. Nog steeds rijden ons veel mensen tegemoet, na gisteren is het leuk nu hen te zien ploeteren bergop. 

De richtingbordjes langs de weg geven Austria aan. Geruisloos rijden we Oostenrijk in. Er is meer aandacht voor de provincie dan voor de landsgrens.

Het fietspad langs de weg leidt ons naar de rivier de Gail. Tot Villach rijden we er langs, over een mooi onverhard fietspad door het bos. Het is heerlijk fietsweer, lekker zonnig, mooi windje en niet te warm.

Vanaf Villach volgen we de Drau, een brede turquoise rivier. We zijn ondertussen al zo ver de Alpen over dat deze rivier naar de Donau stroomt en niet meer naar de Adriatische zee. Hier lijken de bergen lager, maar we zien in de verte sneeuwtoppen. 

Carry heeft voor vanavond een camping gevonden, net twee maanden open. Met dit weer is het heerlijk om eindelijk weer eens te kamperen. 

Rijn

28 juli Kriessern – Chur

Wat ons verbaast is het geluid van de autoweg. Die hoor je echt overal, niet alleen op de camping maar ook in het dorp. Het heeft vast met het soort asfalt te maken. Het heeft met het dal te maken waar alles dicht op elkaar ligt. En er zijn gewoon veel auto’s. Dat zal allemaal wel. We snappen niet dat Zwitsers dit constant geraas acceptabel vinden.

We rijden vandaag grotendeels langs de Rijn. Langzaamaan wordt de rivier steeds smaller en ruiger. De kleur verandert ook van iets grijzigs naar een mooi turquoise. En steeds weer, overal om ons heen, de bergen. Zo mooi. Onze route is gelukkig vooral vlak.

We rijden Liechtenstein in, het achtste land van deze reis. We hebben de grens niet herkend, we zien het aan de nummerborden van de auto’s. Het is nog relatief vroeg om te gaan lunchen, maar we stoppen toch. Anders zijn we wel heel snel weer in Zwitserland.

Het is allemaal niet zo moeilijk vandaag. De zon schijnt, de trappers draaien en het uitzicht is fantastisch!

Reservesleutel

27 juli Hegne – Kriessern

Van de verzekering moet onze fiets een Axa-slot. Alleen heeft ons frame niet echt ruimte voor een slot. Dit heeft als gevolg dat je af en toe tegen de sleutel trapt. Dus nu is Carry’s sleutel bijna gebroken. En nee, hij heeft geen reservesleutel bij zich.

We zoeken een sleutelmaker in Constance. De eerste is dicht. Net als we verder willen kijken komt een dame op ons af. Ze neemt de zaken in ferm Zwitsers-Duits over. We krijgen in detail uitgelegd waar we heen moeten. Eigenwijs als we zijn proberen we eerst een ander, maar daar moeten we te lang wachten. Uiteindelijk zitten we aan de koffie terwijl het juiste mannetje de sleutel kopieert.

Helaas past de nieuwe sleutel niet. Nog eens proberen. En nog eens. Resultaat: Fiets op slot en twee kapotte sleutels. De man begint een verhaal over reservesleutels. Het is niet het juiste moment daarvoor. Hij maakt nog een sleutel en er wordt een boel geprutst. Dan is het slot open. We worden bezworen het slot niet meer te gebruiken.

Het is inmiddels na twaalven en we hebben pas 10 kilometer gefietst. Gelukkig ligt de grens om de hoek. Zwitserland hebben we dus in elk geval bereikt vandaag. We fietsen verder langs de Bodensee. Het is zo plat als thuis en het is druk. Het lijkt wel of iedereen een rondje Bodensee doet, de meesten fietsen met de klok mee. Ze komen ons allemaal tegemoet.

Het valt op dat alles picobello geregeld is. Met gele fietsen op het wegdek is de route aangegeven. Er zijn openbare toiletten langs de route, zelfs met wcpapier (op verzoek geeft Carry uitleg over de kwaliteit). De kwaliteit van het wegdek is perfect. We rijden langs boomgaarden, langs campings en door dorpen. Het rijdt vanzelf. De doorkijkjes naar de Bodensee zijn mooi. Er vliegt een zeppelin langs. Maar misschien vinden we het toch te aangeharkt.

Natuurlijk zoeken we nog een oplossing voor Carry’s fietsslot. We stoppen bij een fietsenmaker in Rorschach. Hij vervangt het Nederlandse Axaslot door een Zwitsers. Voordeel van dit slot is dat de sleutel er niet in zit als het open is. Nu het oude slot er af is durft Carry het nog eens te proberen. En ja hoor, het loopt als een zonnetje. Dat geeft vlekken voor de ogen als Rorschachtesten.

We verlaten de Bodensee en fietsen door de uiterwaarden van de Rijn. Hier is het nog een smalle rivier, die de grens is tussen Oostenrijk en Zwitserland. We rijden even Oostenrijk in en uit. Voor ons zien we de Alpen. Ze zijn vanaf hier al indrukwekkend, we zien zelfs toppen met sneeuw. De lucht wordt voorzichtig wat blauwer. We zetten nog even aan, de Alpen lokken.